Hielspoor

Vorige Omhoog Volgende


Wat is hielspoor?

Een veel voorkomende probleem is een stijve en pijnlijke plek onder de hiel. Dit is de plaats waar een sterke peesplaat, de fascia plantaris, onder de voet aanhecht. Als deze aanhechting geïrriteerd en ontstoken raakt, wordt de blessure fasciitis plantaris genoemd. Bij hardlopen treedt de irritatie vrijwel nooit plotseling op, maar nemen de klachten geleidelijk aan toe. Het is dan ook een typisch voorbeeld van een overbelastingsblessure.

Oorzaken

Meestal is een samenspel van factoren verantwoordelijk voor het ontstaan van een fasciitis plantaris. De peesplaat wordt maar matig doorbloed, waardoor het herstel na overbelasting slechts langzaam verloopt. Overbelasting wordt vooral in de hand gewerkt door:

  • Niet (of onvoldoende) uitvoeren van de warming-up.
  • Verkorte of stijve spieren. Dit treedt eerder op als de rekkingoefeningen niet (of niet goed) uitgevoerd worden. Bij het voorkomen van deze blessure zijn met name de rekkingoefeningen voor de kuitspieren van belang.
  • In een korte tijd te veel, te vaak en te snel hardlopen. Met name heuveltraining is berucht.
  • Dragen van schoenen, die onvoldoende de schokken van de landing absorberen en / of qua ondersteuning niet aan de voetvorm zijn aangepast.
  • Lichte standsafwijkingen van de onderbenen, enkels of de voeten (bijvoorbeeld holvoeten of juist platvoeten).
  • Een beenlengteverschil.
  • Overgewicht, 
  • Niet of onvoldoende uitvoeren van een cooling-down.

Anatomie

De fascia plantaris is een structuur die loopt vanaf de voorkant van het hielbeen (calcaneus) tot aan de bal van de voet. Deze zeer dichte strook van weefsel helpt de lengteboog van de voet te ondersteunen. Vergelijkbaar met de snaar van een schietboog.

Wat gebeurt er?

Zoals u zich wel voor kunt stellen komt er een enorme concentratie van kracht op de fascia plantaris tijdens het staan en lopen. Dit kan leiden tot over rekken van de fascia plantaris ter hoogte van de aanhechtingen. Kleine scheurtjes kunnen optreden en deze worden gerepareerd door het lichaam. Als het proces van blesseren blijft optreden, kan er een kalkspoor (hielspoor) gevormd worden door het lichaam. Dit wordt gedaan in een poging om de aanhechting van de pees aan het bot te verstevigen. Dit ziet men op de röntgenfoto als een hielspoor.

Symptomen

In het beginstadium van deze blessure is er slechts sprake van een stijf en / of zeurend pijngevoel ('s ochtends) na een zware inspanning of als er met blote voeten op een harde ondergrond wordt gelopen. Met name de ochtend na een inspanning op de vorige dag zijn de eerste stappen erg pijnlijk. De aanhechting is vooral pijnlijk als erop wordt gedrukt. Als er geen tegenmaatregelen worden genomen, zullen ook pijnklachten optreden bij het begin van de inspanning. Deze klachten verdwijnen in het begin nog tijdens de warming-up, maar keren terug na afloop van de sportbeoefening. Als er toch doorgesport wordt, zullen de pijnklachten nog meer toenemen en zal hardlopen niet meer (goed) mogelijk zijn. Genezing van de blessure kan dan maanden gaan duren.

Diagnose

De patiënt heeft pijn aan de hiel, vooral als hier druk op komt. Het functie onderzoek is negatief. In veel gevallen vertoont de röntgenfoto een zogenaamd hielspoor. Zoals vaak bij aanhechtingsproblematiek van een pees ontstaan microfactuurtjes van het bot. De poging tot genezing hiervan is röntgenologisch zichtbaar als een hielspoor. Voordat deze ontstaan is de botscan meestal al positief.

Waar dient u met sporten rekening mee te houden

Begin altijd met een goede warming-up. Bij het uitvoeren van de rekkingoefeningen van de kuit mag geen pijn optreden. Zorg vooral voor een goede trainingsopbouw. Voer het tempo en de tijdsduur van de trainingen uiterst geleidelijk op. Wees voorzichtig met heuveltraining. Bij verandering van trainingsbelasting past de belastbaarheid van de pees zich slechts langzaam aan. Ook na een blessure of ziekte moet de training weer geleidelijk tot het oude niveau worden opgevoerd. Besteed in de training aandacht aan spierversterkende oefeningen voor de voet- en kuitspieren. Loop zoveel mogelijk op zachte ondergrond (bos, gras). Draag goed passende loopschoenen met een schokdempende zool en een stevige hielsteun. Als er (lichte) voetafwijkingen aanwezig zijn moet daar rekening mee worden gehouden bij de aanschaf van sportschoenen. Beëindig de training uiteraard altijd met een cooling-down. Als er sprake is van een te hoog lichaamsvetpercentage, kan 'afvallen' er zeker toe bijdragen dat deze overbelastingsblessure niet (zo snel) ontstaat.

Behandeling

Voer in ieder geval alle bovenstaande preventietips uit. Geef gehoor aan de signalen van het lichaam. Zorg ervoor dat beginnende klachten niet verergeren door tijdig de training te verminderen of te staken. Als de blessure in een beginstadium verkeert, koel de pijnlijke plek dan direct na de training zo'n 15 tot 20 minuten met ijs. Leg tussen de hak en het ijs bijvoorbeeld een theedoek om huidbeschadiging door bevriezing te voorkomen. Herhaalt het koelen 3 tot 5 keer per dag. Ook als de blessure langer bestaat, blijft het nuttig de pijnlijke plek meerdere keren op de dag te koelen. Voer meerdere malen per dag de rekoefeningen uit.

Gebruik visco-elastische inleghieltjes in de zool, deze geven vrijwel direct vermindering van de klachten.

Wanneer de bovenstaande maatregelen niet het gewenste effect opleveren, ga dan binnen twee tot vier weken naar de huisarts. Deze kan eventueel doorverwijzen naar een fysiotherapeut of een specialist.


Vorige Omhoog Volgende


Laatste update: 22.11.2008